HET
WEER,
NADER VERKLAARD
de (oudere) verhalen
zijn soms niet meer helemaal up to
date,
onze excusses daarvoor,
red.
Hurricane - restanten
Ex-tropische cyclonen of hurricanes (orkanen),
zoals
ze
in het
Caribisch
gebied
genoemd worden,
worden in
hun
eindfase vaak
meegenomen
door
de
westenwinden,
de straalstroom.
Zodra de hurricane
in de gematigde
breedten
boven minder warm oceaanwater terechtkomt,
zwakt ze af en wordt
het een
'gewone'
depressie.
Een voormalige hurricane neemt
echter
wel veel
energie
en
warmte
mee en
kan
daarmee een andere
depressie
voeden.
Dat kan
leiden
tot
veel neerslag en
stormachtige
winden.
Zo zorgde ex-hurricane
Bertha
rond
10 augustus
2014 in ons land
voor een weerverslechtering en een
herfstachtig
weertype die drie weken
zou duren.
De restanten
van
een
hurricane kunnen
echter ook
zorgen
voor een
beter
weer.
Blijven de
depressies
ten
westen
van
Europa dan kunnen ze hier zorgen voor een
sterke
warme zuidelijke luchtstroming
en wordt het
warm
(na)zomerweer.
In de herfst
levert
dat
soms een
mooie
periode
op,
eind
september de 'oudewijvenzomer'
genaamd.
Zodra de
depressie
verder
trekt en
of zijn
invloed in onze richting uitbreidt kan het weer verslech-
teren,
maar als
de
depressie afstand houdt dan
blijft het
prima weer.
Tropische cyclonen
of hurricanes
met wind-
snelheden
van
soms
300 km./uur
komen
in
Nederland
niet
voor.
Een van de voorwaarden
voor hun
ontstaan
zijn
zeewatertemperaturen van
27 graden of
meer.
Die waarden
worden bereikt
bij de evenaar.
In de
Noordzee komt de
watertemperatuur
niet
hoger
dan
zo'n
21
of
22 graden.
Ook in het warmere
klimaat
is het onwaarschijnlijk dat
zich hier tropische
stormen
zullen voordoen.
Tropische stormen,
waaruit
zich
tropische cyclonen
of
hurricanes
kunnen ontwikkelen,
ontstaan
in de
late
zomer
en het
najaar bij
de
evenaar
boven
de warme
oceaan meestal ten
westen van
Afrika.
In combinatie
met
sterke
wind
op grote hoogte kunnen
de buienwolken
verder
groeien en
hoogtes
bereiken
van
omstreeks
17 kilometer.
In het centrum van
de
orkaan, ook wel het
oog genoemd
met een doorsnede
van
15 tot
50 km.,
is het
vrijwel
onbewolkt en
waait het
nauwelijks.
Rond het
oog vinden we een
muur van buien-
wolken, waarbij het
flink regent en hard waait. Aan het
aardoppervlak tot
zo'n
150 tot 600
kilometer
afstand
van
de buienmuur
waaien
winden van orkaankracht,
windkracht 12.
Meestal trekken
deze
orkanen
eerst
in
westelijke richting
en vormen ze
een
bedreiging voor de
eilanden in het
Caribisch
gebied en de
Amerikaanse
oostkust.
Boven land nemen ze snel in kracht af,
maar
veroorzaken ze veel regen en wind
KNMI /
Weer Servicedienst Leeuwarden/Wytgaard